Jakob Fugger: de rijkste man ooit?

Op lijstjes van superrijken staat-ie zelden en dat is vreemd want volgens sommigen is hij de Rijkste Man Ooit! Wever/industrieel/bankier/handelaar/diplomaat en weldoener Jakob Fugger  ‘de Rijke’ uit het Duitse Augsburg was in de tijd dat hij leefde – rond 1500 – al de rijkste man van Europa, omdat hij goed was voor 2,2% van het Bruto Europees Product in die tijd. Als hij nu in de VS zou leven zou dat neerkomen op 400 miljard en daarmee zou hij oliemagnaat Rockefeller ( 1,5% van het Amerikaanse nationaal product) en Bill Gates (0,44% ) ver achter zich laten. Maar los van dat soort berekeningen was Fugger vooral een spectaculaire promotor van het kapitalisme, een Gordon Gecko avant la lettre. Bezeten van geld verdienen werd hij de financier van Keizers, Koningen en Pausen voor hun feesten, kastelen en oorlogen. En als er niet op tijd werd terugbetaald dan kregen ze een  op hoge toon gestelde aanmaning. Want Fugger had macht, Hij bepaalde wie een positie in de kerk kreeg en zelfs wie uiteindelijk Keizer werd. Door zijn bemoeienissen verdween het kerkelijk taboe op de heffing van rente en kreeg het kapitalisme vrij baan. Dat leverde ook veel vijanden op, zoals de hervormer Maarten Luther en de eerste socialisten (want wie denkt dat de strijd tussen kapitalisten en socialisten pas in de 19e eeuw begon die is eeuwen te laat). Toch wordt hij  vandaag de dag vooral gezien als een weldoener – die nog steeds wel doet.

Jakob Fugger (1459-1525) wordt geboren in een succesvol geslacht van wevers in het zuidduitse Augsburg. Hoewel voorbestemd als priester wordt hij toch ingezet in het familiebedrijf en staat al ras aan het hoofd daarvan.

Op 14- jarige leeftijd wordt Fugger naar Venetië gestuurd  (een tocht van 600 kilometer die twee weken duurt)  om zich te bekwamen in de handel. Venetië vormde destijds samen met andere Italiaanse republieken zoals Florence het wereldcentrum van de handel.  In Venetië kwamen schepen met specerijen uit het Verre Oosten (eerst per kameel naar een Arabische haven vervoerd) en katoen uit Egypte  en werden Europees ijzer, bont en wijn geexporteerd. Florence was de geboorteplaats van de Florijn, een munt met 3,5 gram goud die alras in grote delen van Europa als een soort Euro gebruikt werd en het bewijs was van de opkomende geldeconomie . Er waren al banken, soms  met filialen in de Europese hoofdsteden. De enorme dynamiek hier maakte een grote indruk op Fugger.  Hij leerde hier het bankiersvak. Een van de zaken die hij mee terugnam naar Augsburg was zijn kennis van het  ‘dubbel boekhouden’ dat een veel duidelijker beeld geeft van het wel en wee van een onderneming dan het gekrabbel op vodjes dat tot dan toe gebruikelijk was. Later werd Fugger geroemd om de wijze waarop hij dit systeem in zijn bedrijf had ingevoerd en geperfectioneerd.

Aanmaning voor de keizer

Midden Europa bestond in die tijd uit een lappendeken van koninkrijkjes, prinsdommen, hertogdommen en graafschappen die elk hun eigen gang gingen en elkaar soms naar het leven stonden. Maar ze vormden ook onderdeel van het Heilige Roomse Rijk aan het hoofd waarvan de Paus stond evenals een Keizer die door een comité van edelen uit de deelnemende landen werd verkozen. ‘Keizer’ was een indrukwekkende positie, maar de beloning was dat niet.  Achtereenvolgens Frederick de Dikke, Maximiliaan van Oostenrijk en de in Gent geboren Karel de Vijfde verkeerden  permanent in geldnood.  

Het begon met Frederick  die in Augsburg flashy kleding wilde kopen om indruk te maken op collega-heerser Karel de Stoute in Bourgondië zodat diens dochter zijn zoon Maximiliaan zou trouwen. Zijn armoedige reputatie was hem evenwel voorgegaan en hij kreeg geen krediet. Alleen bij de Fuggers kon hij terecht. Ze wisten wel dat de kans op aflossing gering was maar hoopten dat de keizer  hen het dragen van een familiewapen zou toestaan, een soort officieel logo van hun status als hofleverancier.     

Dat familiewapen kwam er, en dat vergemakkelijkte ook de toegang van de Fuggers tot de hogere klassen van het Europa van die tijd. Het ging dan niet meer om de levering van textiel, maar steeds meer van geld. Koningen, keizers, prinsen en hertogen, maar ook bisschoppen en de Paus zelf klopten bij hem  (en zijn broers) aan voor de financiering van hun oorlogen, hun feesten en hun kastelen. Er gingen vermogens heen en weer en Jakob Fugger verwierf zich een machtige positie die nog het best blijkt uit de aanmaning (voor een half miljoen florijnen ) die hij in 1523  schreef aan Karel de Vijfde, destijds belangrijkste heerser van Europa (en een rijk waar de zon niet meer onder ging).  Die had zijn keizerspositie te danken aan het feit dat Fugger het verkiezingscomité van edelen had omgekocht en Fugger verzuimde dan ook niet dat in te wrijven. Er moest terugbetaald worden. Met rente. En zonder dralen.

Veel activiteiten

Het eerste geld dat Fugger uit kon lenen kwam nog uit de textielhandel maar dat veranderde toen hij als vorm van aflossing van een lening het recht kreeg op de verkoop van het zilver uit het in Tirol gelegen Schwaz, destijds de enige zilvermijn in Europa.  Het zorgde voor een permanente bron van inkomsten.  Later werd hij dankzij een mijn in Hongarije de ‘koperkoning van Europa’ en werd met het verkrijgen van de kwikmijn in Spanje de schuld van Karel de Vijfde  afgelost.  Van andere metalen maakte hij kanonnen voor zijn klanten.

Zijn acties hadden grote invloed. Na de ontdekking van de zeeroute naar India om Afrika investeerde hij geld in schepen die daar de specerijen op moesten halen. Het maakte de kamelentransporten en de haven van Venetië die daar een groot deel van zijn rijkdom aan dankte een stuk minder interessant. Hij brak het monopolie van de Hanze – een vereniging van 150 noordeuropese steden die via tarieven en voorschriften hun eigen markt beschermden.

Al die dingen kon Fugger doen omdat hij steeds optimaal geinformeerd was dankzij een netwerk van correspondenten in de vele Europese steden waar hij vertegenwoordigd was:  Antwerpen, Lyon, Rome, Venetië, Spanje, Engeland, Hongarije, Polen, Scandinavië. Zo  ontstond een handgeschreven nieuwsbrief die nu als een soort voorloper van de krant wordt gezien (Fugger-Zeitungen).  Fugger moet een fortuin aan koeriers hebben betaald en was dan ook een van de oprichters van het eerste postkantoor in Duitsland bij hem in Augsburg in 1515. Niettemin bleef het transport van kisten gouden en zilveren munten met paardenkarren over miserabele wegen vol rovers een hachelijke zaak (Bankbiljetten kwamen er pas in 1700). In plaats van het geld te vervoeren bleef het vaak in de safe en wisselde alleen de eigenaar.

Bankieren was Fuggers'core business. Hij richtte zich vooral op de heersende klasse maar hij  was ook manipulatief. Hij leende keizer Maximiliaan geld voor een leger om ten strijde te treekken tegen de republiek Venetië of de Paus maar niet voldoende om die strijd ook te winnen - de andere partijen waren ook goede klanten en die wilde hij niet kwijt raken.

Vooral over zijn betrokkenheid bij de financiering van ‘Rome’ is veel bekend.  Fugger financierde de Zwitserse Garde (het leger van de Paus) en mocht de Pauselijke munt slaan. De collecteinkomsten  in de Duitse kerken werden door zijn bedrijf naar Rome gebracht (a raison van 3%). 

Wie destijds voor een baan bij de kerk wilde soliciteren moest ook een dikke portemonnee meenemen. Fugger verstrekte het geld er voor, hij pochte betrokken te zijn bij elke bisschopsbenoeming in Duitsland.

Aflaten

Een van die baantjes  (Bisschop van Mainz) was zo duur dat er  iets extra’s moest gebeuren om de lening terug te kunnen betalen. Fugger suggereerde om Aflaten te gaan verkopen.  Aflaten waren in het Latijn geschreven brieven met een Pauselijk zegel waarin stond dat de bezitter  alle zonden waren vergeven zodat de eigenaar van de brief niet in de hel zou komen. Je kon aflaten voor je zelf kopen of voor een ander, ook als die reeds overleden was. Van één Paus is bekend dat-ie niet per se op geld uit was, sex was ook goed. Toch was er vrees dat de gelovigen boos zouden worden als ze zouden begrijpen dat dit geld allemaal werd ingezameld om Fugger  af te betalen. Daarom werd het doel van de crowd funding omgedoopt in de restauratie van de Sint Pieter in Rome. 

Maar de irritatie over de kerk en zijn dienaars was al hoog opgelopen. Missen werden afgeraffeld, de handel in baantjes, de algehele corruptie, de braspartijen waren wijd en zijd bekend. De Reformatie stond op uitbreken. Op school leren we dat deze begon doordat Maarten Luther 95 stellingen op een kerkdeur spijkerde. Die gingen over het feit dat de Paus helemaal niet het vermogen zou hebben om zonden te vergeven en waren een aanklacht tegen andere vormen van kerkelijke corruptie,  maar Luther was ook woedend op de man die grootschalig zijn zakken aan het vullen was: Jakob Fugger.

Woekeraars

Zakenlieden klagen graag dat je ‘tegenwoordig’ geen geld meer mag verdienen en dan kijken ze boos naar 'links' - begrijpelijk maar onterecht.Het taboe op het maken van winst en vooral op het vragen van rente is veel ouder. In Lucas 6:35 staat: (...) doet goed, en leent, zonder iets weder te hopen’.  In de vierde eeuw na Christus zei Aartsbisschop Chrysostomus: 'Degene die iets koopt met de bedoeling om er winst mee te maken, heel en onveranderd, is de handelaar die uit Gods tempel wordt gegooid'.  Europa is Christelijk en dit zit in de Christelijke ziel gespijkerd. De kerk poogde potentiële leners af te schrikken door de lijken van overleden leners op te graven en hun ontbindende lichamen vol maden en wormen te tonen. Dat was je lot als je geld uitleende!

Het verbod werd frequent ontdoken, door de banken  die de rente soms als administratiekosten opvoerden en door kerk zelf. Kardinaal Von Meckau deponeerde 200.000 florijnen bij Fugger en kreeg daar 5% rente over. Het geld dat Fugger uitleende kwam met minimaal 12% rente terug (maar meer dan 40% was niet ongebruikelijk).  Joden hadden geen last van dit verbod en die  verstrekten dus wel krediet en vroegen rente - maar ze werden daarom ook gehaat. Het beroven van een Jood – die immers zondig bezig was – werd gezien als een goede daad. En als een Jood stierf dan verklaarde de kerk soms zijn uitstaande leningen als vervallen. Die hoefden niet meer afgelost, het was toch zondegeld.   (http://www.historyworld.net/wrldhis/PlainTextHistories.asp?ParagraphID=idu )

Fugger zette zich in voor een intrekking van het verbod op rente. Hij huurde eerst een soort PR-medewerker in en later een universitaire deskundige die de wetenschappelijke basis moest leveren voor een intrekking van het verbod. In Italië werd een debat georganiseerd, maar de rechter durfde op basis daarvan geen duidelijke beslissing te nemen. De Paus – zelf afkomstig uit het bankiersgeslacht De Medici en niet echt het voorbeeld van soberheid – interpreteerde dat als: de rechter heeft niet gezegd dat het verbod in stand gehouden moet worden, dus ik schrap het maar. Dankzij Fugger kon vanaf 1515 zonder belemmeringen rente geheven worden, Een belangrijk obstakel voor het kapitalisme was weg.

De eerste socialisten

Fugger realiseerde zich zijn positie als  ‘organisator’ van het kapitalisme, Toen keizer Maximiliaan hem en andere bankiers trachtte te dwingen geld te verschaffen schreef hij een dikke brief waarin hij wees op het belang van zijn en andere ondernemingen voor de welvaart en de werkgelegenheid, en dat die geldmachine het beste werkte zonder bemoeienis van buiten.

Tijdens Fuggers laatste levensjaren brak in Duitsland de Boerenoorlog (1524-26) uit. Groepen Boeren en lage edelen trokken door het land en belegerden steden, staken kastelen in brand en plunderden er op los. Geschiedschrijvers meldden nog nooit zoveel dronken mensen te hebben gezien. De bloedige oorlog die 100.000 slachtoffers eiste ging tussen  kapitalisten en socialisten, ook al werden die termen niet gebruikt. De boeren waren verontwaardigd over hun lage levensstandaard en gaven de kerk, de adel maar ook Fugger daarvan de schuld. Ze eisten afschaffing van alle persoonlijk bezit, ontbinding van bedrijven zoals die van Fugger en wilden het land laten besturen door een Christelijke broederschap van boeren ter vervanging van de adel.  Een van de leiders van de opstand was Thomas Muentzer, een socialistische mysticus die claimde rechtstreeks met God in contact te staan. Volgens hem zou God alle rijken doden.

Fugger  dacht dat Luther achter de opstand zat, maar die zag Muentzer als een concurrent en riep juist op om de opstandelingen als honden dood te slaan. Maar Fugger was bang en waarschijnlijk terecht.  ‘Ze willen rijk worden zonder te werken’, oordeelde de Augsburger en financierde een leger dat de Boeren versloeg.

Na de tweede wereldoorlog stond Muentzer op een bankbiljet van de DDR en Fugger op een postzegel van WestDuitsland

Fuggers persoonlijk leven

Fugger was getrouwd, maar zijn huwelijk lijkt weinig vreugdevol te zijn geweest en vooral te zijn afgesloten om zijn sociale status te verhogen. Na zijn dood was zijn weduwe binnen een week bij een ander. Hij zou één onecht kind hebben.  Fugger genoot wel van zijn rijkdom. Hij kocht landgoederen en kastelen en liet in het centrum van Augsburg het Fugger-Palast bouwen dat iedereen de ogen uitstak. Alle kamers hadden verwarming en, zeer bijzonder voor die tijd: stromend water. Er was een enorme bibliotheek en veel kunst. Bezoekers getuigen van de grote hoeveelheid goud die overal zichtbaar was. Er werden grote feesten en partijen gegeven, maar steeds ten dienste van het bedrijf. Zijn enige passie was geld verdienen.

Fuggerei

Was Fugger een geldwolf zonder scrupules? Er gaat een verhaal dat hij de weduwe van een door hem zeer gewaaardeerde medewerker zonder pardon op straat liet zetten voor een oude schuld. Maar toch gaat hij de geschiedenis  in als een weldoener, en dat komt vooral door de Fuggerei.

De Fuggerei was het eerste sociale woningbouw project ooit. Fugger liet een 50-tal kleine woningen bouwen met bijbehorende groentetuintjes voor de armen van die tijd. Niet voor bedelaars want daar had Fugger een hekel aan, maar als je werkte en om wat voor reden dan ook toch te weinig verdiende, en als je al enige tijd in Augsburg woonde en vroom Katholiek was mocht je er wonen.

Het waren bijzondere huizen, want ze waren allemaal hetzelfde om de bouwkosten te besparen, maar omdat ze daardoor wellicht minder eenvoudig te localiseren waren paste de architect een innovatie toe: het huisnummer! Hij zorgde er bovendien voor dat alle huizen een bel kregen die steeds weer verschillend was. De huur bedroeg destijds 1 florijn per jaar en een dagelijks gebed om er voor te zorgen dat Jakob Fugger in de hemel terecht zou komen. De Fuggerei bestaat nog steeds en is inmiddels een toeristische attractie in Augsburg. . De huur is nooit aangepast en bedraagt  omgerekend 88 eurocent per jaar  en uiteraard veel bidden!.

Was-ie echt de rijkste?

De Amerikaanse schrijver Greg Steinmetz van het boek ’The richest man who ever lived’ is een belangrijke bron voor dit verhaal. Maar in zijn boek blijft het een beetje hangen waarom hij Fugger de rijkste man ooit noemt. Op een website heeft hij dat later goed gemaakt.

Fugger was in ieder geval de rijkste man van zijn tijd in Europa, er zijn geen verhalen over mensen die hem naar de kroon steken. Maar de rijkste OOIT? Omdat Fugger zeer veel waarde hechtte aan een goede boekhouding weten we dat in het jaar na zijn dood zijn kapitaal werd berekend op ruim 2.1 miljoen Rhenische Guldens/Florijnen..

Omgerekend (aldus Steinmetz) zou 1 Florijn nu  $1257 aan koopkracht betekenen en dat zou Fugger een waarde geven van 2.6 miljard $. Respectabel, maar niet de rijkste man ooit. Maar als je ‘s mans rijkdom afzet tegen het Bruto Europees Product van die tijd – volgens Steinmetz 57 miljard dollar, dan zou hij met zijn 2,6 miljard 4,6% van voor zijn rekening nemen.  De economie was een stuk kleiner in die tijd.

De Rhenische Gulden bestond  uit 27.2 gram zilver. Op het moment dat Steinmetz dit berekende was de zilverprijs 17 dollar/oz. Fuggers vermogen zou in zilver daarmee nu 38 miljoen  waard zijn.  Dat lijkt erg weinig maar op dat moment was de Europese markt nog niet beinvloed door de toevloed van zilver uit het nieuw ontdekte Amerika en was daarom de zilverprijs veel hoger dan nu. Steinmetz zet die prijs op 600 US$ /oz. Dat maakt Fuggers 2.1 miljoen Rhenische Gulden 1.26 miljard waard oftewel  2.2 % van het Bruto Europees Product van die tijd. Als Fugger nu in de VS zou leven en 2,2% van het Amerikaanse BNP had bezeten, dan zou dat volgens Steinmetz neerkomen op 400 miljard  en daarmee zou hij de rijkste man ooit zijn.

Alle berekeningen hebben hun bezwaren, Steinmetz geeft het graag toe en grapt: volgens deze redenering zijn eigenlijk Adam en Eva de rijksten ooit, want het Bruto Mondiaal Product bestond destijds uit 1 appel en die was geheel in hun handen.

Fuggers nu

Na Fuggers dood in 1525 ging met name zijn neef Anton Fugger door en die breidde het bedrijf verder uit. Gaandeweg werden de zaken echter minder en in 1607 werd de firma opgedoekt. De verschillende takken van de Fuggers hadden zich inmiddels gevestigd op de vele landgoederen die Jakob had aangeschaft en van daaruit heeft men het tot dusver volgehouden, ondermeer als houtvesters en als explotanten van de Fuggerei (de toegangskaartjes voor deze populaire toeristische attractie zijn bijna 5 maal zo hoog als de jaarlijkse huur!).  Jacob Fugger was destijds al in de adelstand verheven, maar had zijn titel nooit gebruikt, maar de huidige Fuggers doen dat naar het lijkt allemaal. Via verscheidene stichtingen beheren ze de nalatenschap en verrichten wetenschappelijk onderzoek op het omvangrijke archief.  Zie www.fugger.de .  

 

Tags: