Natasha Gerzon

De Querulant over Vrij Nederland over de Querulant    
Terug naar de voorpagine van de Querulant

Hier staat de column van Natasha Gerson

Hier staat de ingezonden brief die in VN is geplaatst

  In Vrij Nederland van 10 juni 2000 schreef Natasha Gerson een boos stukje over de Querulant, ze noemde het ondermeer 'frustratenproza'. Ze was hier terecht gekomen nadat ik samen met haar en twee anderen had opgetreden in een radioprogramma van de Ikon om te discussiëren over haar boek 'Geen reden tot ongerustheid'. Dat vond ik geen goed boek en ik liet dat ook blijken. Ik geloof niet dat het uit specifieke  rancune over mijn negatieve houding ten opzichte van dit boek is dat mevrouw Gerson zo boos doet in haar VN artikel, boosheid behoeft bij haar geen aanleiding, het is haar 'default' stand, zo is ze ooit afgeleverd.

Op deze website kun je 100 piek verdienen door feitelijke fouten te vinden. Ik weet dat Natasha Gerson dat heeft geprobeerd, maar ze kwam niet ver. Ik was er niet bij, maar ik vermoed dat ze zich vooral heeft gestort op mijn verhaal over de prijs van een mensenleven ; dat begint met: 'Stel, U bent Minister van Gezondheid en Milieu' en de enige 'fout' die mevrouw Gerson kon vinden was: Nederland heeft helemaal geen Minister van Gezondheid en Milieu!

Dus werd het een zuur stukje, waar ik eigenlijk heel blij mee was, want zoals ze in haar inleiding terecht constateert snakt de Querulant naar aandacht. Dat is in medialand niet ongebruikelijk, maar de vraag blijft overigens hoeveel aandacht Gerson's column zelf krijgt: haar stukje leverde in ieder geval geen extra bezoekers op deze site op, en dat ben ik niet gewend na redactionele aandacht.

Natasha heeft laten we maar zeggen een vlotte pen. Toch zou ze zich af en toe wat minder om de vorm en wat meer om de inhoud moeten bekommeren. Haar stukje bevat minstens vier feitelijke fouten (die bij de Querulant geld zouden hebben opgeleverd, maar ik geloof niet dat VN echt staat voor wat de medewerkers beweren) en plamuurt de gaten in haar redeneringen weg met insinuaties.

Eén van die insinuaties is dat mijn artikel over prof John Graham weinig meer te maken heeft met het oorspronkelijke wetenschappelijke materiaal. Ze zegt:

'Laten wij beginnen met Richels essay accuraat te vertalen, op te sturen naar professor Graham en bijvoorbeeld te vragen of het citaat dat Richel hem toeschrijft, namelijk 'deze perverse patronen van investeringen zouden moeten worden doorbroken', klopt en de door Richel aangeleverde context ook'.

Een goed idee van mevrouw Gerson, dus ik heb meteen maar de daad bij het woord gevoegd. De engelse vertaling was al klaar, dus ik hoefde alleen maar Graham te vragen of ik hem correct had geciteerd en of de context klopte. Hij reageerde snel: goed geciteerd? Ja. Klopt de context? Ja.

De vier feitelijke fouten in Gersons column zijn de volgende:

'Theo Richel vond mij maar een politiek correcte zeurpiet omdat ik niet bereid was Tsjernobyl gelijk te stellen met kortsluiting op de kermis van Schagen'

Ik heb dit nooit beweerd en geloof het ook niet. Volgens de Oekraine zijn er honderdduizend of meer doden gevallen, volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie ongeveer 30. Ik neem aan dat op de kermis bij Schagen wel eens kortsluiting optreedt, maar bij mijn weten zijn daar nooit meer dan 30 doden bij gevallen. Tsjernobyl was dus waarschijnlijk ernstiger. Waarom beginnen sommige mensen toch zo te schuimbekken als je niet onvoorwaardelijk in het einde der tijden gelooft. Er is wel degelijk iets gebeurd in Tsjernobyl, maar er is reden om te denken dat de Wereld Gezondheidsorganisatie een betere inschatting heeft van het aantal slachtoffers dan de Oekraine.

Volgens Richel kosten anti-dioxinemaatregelen per mogelijk van de dood gered persoon twee en een half miljard dollar en het tien jaar in leven houden van vijf hart patiënten een miljoen.

Ik heb deze redenering even na gezocht in mijn oorspronkelijke artikel en het bleek hier te gaan om 2,8 miljard dollar, en niet om dioxine maar om asbest. Die hartpatienten zijn in dat artikel nadrukkelijk als hypothetische cijfers gepresenteerd. Eigenlijk drie fouten, maar laten we die 2,8 miljard door de vingers zien, dan zou deze passage me toch 200 piek opleveren.

Maar dit is waarschijnlijk geen fout maar opzet. Op het gebied van asbest deelt mevrouw Gerson namelijk mijn mening dat deze problematiek nogal overdreven wordt, maar dat kwam in dit verhaal wellicht niet van pas.

De volgende honderd piek zijn ook makkelijk verdiend want Gerson beweert dat ik mijn referenties niet noem, en die staan er gewoon overal bij, in de HP waar het artikel ooit stond, en op de website. Een curieuze stommiteit. Is zij ziende blind?

Volgens Theo Richel bestaan er eigenlijk geen milieuproblemen

In het gesprek dat Gerson en ik en anderen na de bewuste radiouitzending hadden sneerde Gerson (naast insinueren is sneren ook een favoriete stijlfiguur van haar)  dat ik dus blijkbaar vond dat er geen milieuproblemen bestaan. Ik heb dat meteen ontkend en toen riep een andere tafelgenoot: 'Maar milieuproblemen worden wel stelselmatig overdreven' en toen heb ik meteen gereageerd: 'Zo is het'. Blijkbaar is ze ook horende doof.

Gerson ziet referenties niet staan bij artikelen ook als ze er wel staan, ze citeert verkeerd, ze legt me woorden in de mond, ze suggereert zonder enige aanleiding dat ik mijn bronnen niet correct citeer, brrr. Bij welke redactie kan je zoiets maken? En voor hoelang?

Theo Richel

PS. Gersons boek 'Geen reden tot ongerustheid' ademt een 70-er jaren sfeer.   Gerson (en Jurg) beschrijven in dit boek ondermeer een hinder en overlast veroorzakende fabriek in het oosten van het land. Dat die fabriek een loopje neemt met de milieuwetgeving tonen ze overtuigend aan (hoewel wat langdradig), als het gaat over de mogelijke gezondheidsgevolgen van dergelijke milieuvervuiling blijven ze steken in insinuaties. Het voordeel van insinuaties is dat je het daarbij kunt laten: je hebt je vijand zwart gemaakt zonder dat je daarvoor een bewijs hoeft te leveren. Home Free!

Bij hun bronnen achterin blijkt dat ze Lucas Reijnders en Jan Willem Copius Peereboom hebben geraadpleegd. Ik heb dat vroeger ook wel gedaan maar ben daar mee opgehouden toen het verhaal dat ze vertellen iedere keer op hetzelfde bleek neer te komen (de overheid maalt niet om de gezondheid van de burgers) maar vooral dat beide heren alleen door politici en activisten serieus worden genomen en in de wetenschap hoegenaamd niet.

Het tweede deel van het boek is onleesbaar. Hierin wordt een vaag pleidooi gehouden om bij milieurampen of meldingen van het slag 'iedereen bij ons in de straat heeft kanker' meteen grootschalige bevolkingsonderzoeken op te starten. Tenminste: ik denk dat de auteurs dit willen, dit tweede deel van het boek heb ik niet echt begrepen.  In de wetenschappelijke wereld gruwelt men overigens gemotiveerd van dit soort suggesties: het kost een heleboel en levert niks op.

Tags: 

Add new comment